Kleine D. lijkt nu al (niet) op mij

Na 30 weken zwangerschap begint het duidelijk te worden dat kleine D. in sommige opzichten al erg op mij lijkt. Hij gaat bijvoorbeeld niet graag op de foto:

Baby vet
Voor wie hier niks in kan zien: dit zijn de allerliefste zwart-witte vlekken ooit. Die grote zwarte vlek is bovendien het handje van kleine D. dat hij voor de camera houdt.

In andere opzichten lijkt hij juist helemaal niet op mij. Tijdens de groei-echo meet de echoscopist een aantal keer zijn buikje op.
‘Wat kleiner dan gemiddeld,’ concludeert ze.
Bij de verloskundige is het mijn beurt. Ik ga liggen en ontbloot mijn buik, terwijl zij haar meetlint tevoorschijn haalt. Ze spant hem in de lengte over mijn buik. En dan nog eens. En dan nog een derde keer.
’Ik kan er echt niks anders van maken,’ zegt ze. ‘Ruim 31 centimeter. Dat is wat groter dan gemiddeld. Maar aan de achterkant zie je er niks van hoor.’
Gelukkig is niet alleen mijn buik dikker geworden, maar mijn huid ook.

Verrassing

D. was de eerste die iets door had.
‘Het is toch jouw lichaam, Annie,’ zei hij. ‘Jij moet merken als er iets verandert.’
Maar omdat ik niet zo op mijn lichaam vertrouwde, besloot ik een zwangerschapstest te kopen.
Pregnant, gaf die aan.
‘Maar ik voel me gewoon normaal,’ zei ik nog tegen D.

*

Met kriebels in mijn dikke buik (want: uitpuilende darmen, zwangerschapskwaal #742952) lag ik een aantal weken later bij de echoscopist. En ik dacht alleen maar: ik hoop zo dat er echt een baby in mijn buik zit.
’Stel je voor,’ zei ik de avond ervoor tegen D., ‘dat ik helemaal niet zwanger blijk te zijn.’ Dat alle keren dat ik in de afgelopen weken kotsmisselijk van de geur van Syrisch eten boven de wc-pot hing alleen maar door mijn verbeelding kwamen.
’Oh Anne, dan heb je een probleem,’ zei hij.
Maar zodra de gel op mijn buik was uitgesmeerd en de geluidscamera erop werd gezet, waren alle twijfels weg. Hij zit er echt! (Of zij, natuurlijk).

Verrassing