Uitkeringsfraude

Ik werd op het matje geroepen bij het UWV. Nadat de Klantadviseur Werk me eerst hartelijk feliciteerde met mijn nieuwe baan, sprak ze me aan op het feit dat ik niet meer had gesolliciteerd sinds ik weer aan het werk was. Ik legde uit hoe het één verband hield met het ander.
Ze hoorde wat ik zei, zei ze. ‘Maar het kan zijn dat je naast je inkomen nog recht hebt op een aanvullende WW-uitkering. En met het recht op de uitkering blijft de plicht om te solliciteren bestaan.’
‘Ik hoef geen aanvullende uitkering. Ik kan prima rondkomen van mijn salaris,’ zei ik. Namens de overheid zou ze ongetwijfeld blij zijn om dit te horen. Als vrouw had ik toch maar mooi mijn economische zelfstandigheid verworven.
Ze was echter onverbiddelijk. ‘Deze keer krijg je een gele kaart. Zie het als een waarschuwing. Maar als het nog eens gebeurt, krijg je een rode kaart.’
‘Wat betekent dat?’ vroeg ik.
‘Dat je minder of zelfs helemaal geen uitkering meer krijgt.’

Je verzint het toch niet.